Eem om toavel mit… Bart FM Droog

Weer een leuke en verrassende ontmoeting: een gesprek met dichter Bart FM Droog. Bij binnenkomst voert eerst beeldende kunst, en nog niet de gesproken kunst, de boventoon. Het werk van Bart’s partner Noor. Hè gezellig – twee leuke en interessante mensen voor de prijs van één.

Maar, ik kom voor Bart, waarvan ik na een korte online voorbeschouwing al wist dat hij genoeg te vertellen zou hebben. Bart is geboren en met 8 broers en zussen opgegroeid in Emmen. De liefde voor het schrijven openbaarde zich al vroeg. Op de lagere school hield hij van opstellen schrijven en hij droeg bij aan een mini-tijdschriftje gemaakt door een klasgenoot. Op het gymnasium was hij betrokken bij de schoolkrant met een oplage van 1300. Hij was goed in talen en met name de opgedane kennis van Latijn bleek een goede basis voor zijn latere werk. Zijn lerares Nederlands liet hem een gedicht van Vasalis lezen en Bart was onder de indruk van hoeveel je kunt zeggen met weinig woorden. Kort daarop zag hij Jules Deelder op tv. Die trad regelmatig op als voorprogramma van punkbands, zoals wel vaker gebeurde in de jaren ’80. Dat wilde Bart ook. Hij stopte met het gymnasium en stortte zich vol overgave in de punk- en kraakscene van Groningen. Niet veel later dichtte hij inderdaad, jong en bevrijdend onbezonnen, regelmatig in voorprogramma’s van punkbands in jongerencentra. Hij vond het prachtig om een zaal vol jonge luidruchtige punkers met een paar woorden muisstil te kr150331 Bart Noor en Schaterijgen.

Op zijn 22e is hij gaan werken. Natuurlijk om de voor de hand liggende reden van geld en onafhankelijkheid, maar ook omdat de anti-overheid mentaliteit van de punk- en kraakscene wat hypocriet voelde: je afzetten tegen de entiteit die je uitkering betaalt. Bovendien leek het hem voor de schrijverij goed om ook deel uit te maken van de ‘normale’ samenleving. Er volgde een tijd van twaalf ambachten maar gelukkig geen ongelukken: Bart werkte in een verzinkerij, een metaalfabriek, de scheepsbouw, en als advertentiebeller en barkeeper. Ook werd hij in die tijd gevraagd een vriend naar Moskou te verhuizen – een enorm avontuur, veelal zonder voorzieningen, door 2500 km weidsheid, slechte wegen en chaos. Een enorm contrast met Nederland en een bijzondere ervaring.

Natuurlijk bleef hij schrijven. Hij droeg bij aan een literair tijdschrift en leerde een aantal jonge dichters kennen toen ze toevallig op dezelfde avond optraden. Het klikte en de onderlinge dynamiek was zo goed dat ze de groep De Dichters uit Epibreren gevormd hebben. Deze groep heeft van 1994 tot 2008 met groot succes opgetreden in zowel binnen- als buitenland en veel werk uitgebracht. Het succes zorgde ervoor dat Bart van zijn kunst kon leven. De bekendheid bracht ook andere mogelijkheden. Ze hebben in figuurlijke zin eigen podia gecreëerd: gefaciliteerd dat er voor dichters uit heel Nederland gelegenheid was op te treden in Groningen. Er werd in samenwerking met boekhandels, dichters en uitgevers een poëziefestival gestart. In die tijd kon je, niet gehinderd door sluitingstijden, in Groningen 24 uur doorgaan. De nog steeds bestaande Poëziemarathon startte dan ook als 24-uurs festival, destijds absoluut uniek en dus een publiciteitstrekker.

Een verhaal apart vind ik Liesbeth van Dalsum. Inmiddels is bekend dat dit een pseudoniem van Bart is, maar toen Liesbeth werd ‘uitgevonden’ nog niet. Liesbeth kreeg een eigen leven dat het begrip pseudoniem ruimschoots voorbijgaat: ze werd een personage dat bijvoorbeeld werd gebruikt als interviewer waardoor Bart haar allerlei impertinente of absurde vragen kon laten stellen. Liesbeth’s uitgebreide biografie, inclusief foto’s, ontsproot uit Bart’s brein, ze kreeg een eigen dichtgenre (de mathematische poëzie) en werd in 2005 door Opzij uitgeroepen door één van de meest geliefde dichteressen van Nederland. Ik vind het briljant.

In 2000 werd Gerrit Komrij uitgeroepen tot Dichter des Vaderlands. Bart vroeg zich af of het niet leuk zou zijn om ook een stadsdichter te hebben. Dit idee werd opgepakt door de gemeente Groningen, er werd een procedure van open sollicitaties gestart en in 2002 werd hij zélf de eerste stadsdichter van Groningen. Als stadsdichter word je geacht zes keer per jaar een gedicht te schrijven bij een actuele gebeurtenis, je kunt gevraagd worden voor specifieke gelegenheden en je draagt een gedicht voor als er een ‘eenzame uitvaart’ plaatsvindt: een door de gemeente verzorgde uitvaart als er geen nabestaanden zijn.

In zijn stadsdichtertijd leerde hij Noor kennen. Zij was regisseur bij OOG TV en ze maakten op haar initiatief onder andere de serie Randverschijnselen. Iedere uitzending was een combinatie van een dichter en een beeldend kunstenaar die een werk maakte op basis van een gedicht, altijd gefilmd aan de rand van de stad en aangekondigd door de stadsdichter.

In 2007 zijn ze samen gaan wonen in het huis van Noor in Eenrum. Noor is van oorsprong Utrechtse, maar verhuisd naar het noorden door de verschillende functies van haar vader, die onder andere burgemeester van Assen en gevangenisdirecteur in Groningen was. Ze woont al lang in Eenrum, heeft zich er altijd lekker gevoeld. Voor Bart voelde het niet als grote stap. Hij was bekend met de landelijke mentaliteit door de vele collega’s die hij tijdens zijn fabriekswerk had en hij voelde zich daar goed bij. Hij beschrijft het als “lekker nuchter, geen kapsones en recht voor z’n raap”. Hij vindt het mooi dat ieder dorp in De Marne zo duidelijk een eigen sfeer heeft en het onafhankelijke karakter van Eenrum dat al in de Middeleeuwen bekend was spreekt hem aan. Hij vindt de lange geschiedenis fascinerend en vindt het mooi dat je die geschiedenis ook goed in het landschap kunt lezen.

Na het succes met Epibreren en als stadsdichter bleef hij losse opdrachten krijgen, maar die werden langzamerhand minder en daarom heeft hij weer enige jaren een fabrieksbaan gehad, onder andere in de continudienst bij Heiploeg. Zijn contract daar eindigde in 2011, op zich nooit goed nieuws maar het viel mooi samen met nieuwe plannen. Sindsdien is hij fulltime bezig met zijn intensief levenswerk: de Nederlandse Poëzie Encyclopedie. Dit idee ontstond al eind jaren ’90, als papieren versie, maar toen Bart er daadwerkelijk aan toekwam bleek het internet een veel beter medium – het is veel makkelijker bij te werken en actueel te houden. Een apart project binnen de encyclopedie behandelt dichters die een band met Groningen hebben. De hoeveelheid onderzoek en tijd benodigd voor de encyclopedie is indrukwekkend. Bart haalt zijn informatie onder andere uit bloemlezingen, de Koninklijke Bibliotheek en het katholieke Lectuur Repertorium; een oud, groot en vermakelijk driedelig werk waarin de kerk literatuur onderbrengt in categorieën van ‘geschiktheid voor het publiek’. Mij lijkt het nooit-klaar-zijn-karakter van de encyclopedie frustrerend, maar Bart ervaart het juist als uitermate rustgevend: “De enige deadline is mijn dood, en zelfs dan is het nog niet af”.

Onder de x in de encyclopedie bevinden zich de X-files: een verzameling bijzondere achtergrondverhalen die Bart tijdens zijn research tegenkwam. De twee verhalen die hij me vol enthousiasme vertelt zijn zo interessant dat ik vooraan zal staan als deze verzameling ooit in boekvorm uitkomt. Tot die tijd moeten we het doen met bijvoorbeeld de nog verkrijgbare bundel Zeewaarts! en de vele gratis e-books te downloaden op zijn site.

Een gedicht met een actueel onderwerp van Bart:

Bodemschatting (2014)

Wie de aarde op waarde schat
weet dat wat gewonnen wordt
ergens ook verloren gaat, geen

stof kan gedolven zonder golven
de grond zal splijten de geesten
verblind door blinkend goud


drijven boren dieper en dieper
pompen bodem tot giga gaping
zo verbouwen we huizen tot gruis.

Bart zelf: bartfmdroog.com en op Facebook: Bart FM Droog

De Nederlandse Poëzie Encyclopedie: nederlandsepoezie.org

De kunst van Noor: nooragter.com

Chantal van der Ende-Appel

Meer nieuws

Nieuwsbericht insturen