Eem om toavel mit… Greet Luitjens

Aan het begin van de middag afspreken en tot wederzijdse verbazing nog aan de praat (en de thee) in de warme gloed van de ondergaande zon. Een mooie middag in goed gezelschap.

Greet Luitjens is begin jaren ’30 geboren op boerderij ‘Nieuwe Laan’ in Usquert. Ze groeide op in een voor die tijd hypermodern boerenbedrijf. Helaas was dit het gevolg van een grote brand in 1928 waarna alles opnieuw moest worden opgebouwd, maar het was daarmee wel onderdeel van een lokale groep boeren die in bedrijfsontwikkeling een stap verder ging dan gemiddeld. Die ontwikkeling stagneerde logischerwijs tijdens WOII, een periode die Greet zich ondanks haar jonge leeftijd toen nog goed kan herinneren.

Bommenwerpers moesten soms hun last kwijt om sneller weg te kunnen komen, waardoor er op een dag, terwijl Greet met aantal klasgenootjes van school naar huis liep, letterlijk vlak voor hen een aantal bommen in de spoorberm explodeerde. Gelukkig met enige precisie en zonder slachtoffers, maar met blijvende impact. School stopte nadat het gebouw in beslag was genomen door de Duitsers. De boerderij werd regelmatig gecontroleerd op onderduikers. Die waren er niet, maar ze hebben wel mensen geholpen die soms helemaal op de fiets uit het westen kwamen voor voedsel.

Het normale leven werd na de bevrijding zo goed mogelijk opgepakt en Greet ging in 1945 in Warffum naar de hbs. Naar de Groningse MMS (Middelbare Meisjes School) was in het eerste naoorlogse jaar niet mogelijk, daarna gelukkig wel en daarmee brak voor Greet de periode aan die ze zelf omschrijft als haar meest vormende en belangrijkste jaren. In de stad woonde ze dichtbij school bij een bevriende familie met kinderen van haar leeftijd. Op school maakte ze veel vriendinnen, maar met één meisje was er gelijk in het allereerste schooluur een klik die resulteerde in een levenslange hechte vriendschap en een bijna parallelle levensloop. Bijzonder is ook dat de dochter van deze vriendin een goede vriendin is van haar eigen dochter.

Bij de opleiding tot huishoudkundige, die volgde op de MMS, hoorden drie stages in verschillende gezinnen, waarvoor ze onder andere in Middelstum en Amsterdam terechtkwam. Na op school en stage klaar te zijn gestoomd voor het huwelijk, want zo ging dat toen, ging Greet weer even thuis wonen om het huishouden te doen. In 1956 trouwde ze met Klaas Jan, een man met dezelfde boerenachtergrond. Ze gingen na een uitgebreide verbouwing wonen en werken in de boerderij van de opa en oma van Greet – de prachtige Bewsemaheem, waar ze zich als kind al echt thuis voelde. In 1957, 1959 en 1972 werden hun drie kinderen (twee dochters en een zoon) geboren.

Naast het boerenbedrijf hadden zowel Greet als Klaas Jan een indrukwekkend drukke agenda. Klaas Jan (in 2008 overleden) heeft veel bestuurlijke functies bekleed bij waterschap, bank en gemeente, van raadslid tot locoburgemeester. De lijst van activiteiten en werkzaamheden van Greet zelf is bijna onuitputtelijk, ze zegt zelf dat ze het zich eigenlijk niet realiseert tot ze soms alle bewaarde spullen erbij pakt. In de eerste jaren van haar huwelijk was het, met uitzondering van de verzorgende beroepen, voor een vrouw niet mogelijk een betaalde baan te hebben. Maar naast het huishouden en natuurlijk de opvoeding van de kinderen heeft Greet dit feit ruimschoots gecompenseerd met al haar activiteiten. Ze was EHBO-er en jaren actief in het Rode Kruis, eerst als lokaal bestuurslid, daarna in het provinciale bestuur. Ook was ze bestuurslid van ’t Nut – voluit De Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen, een organisatie met een rijke historie, opgericht met volksontwikkeling als doel en nog steeds (ook hier) zeer actief. Ook in en om het eigen bedrijf was veel te doen, bijvoorbeeld zorgen voor zakelijke logees en het eten voor de vele chauffeurs. Het bedrijf groeide en er werd een schuur gebouwd toen het erf niet groot genoeg meer was voor de vele vrachtwagens. Greet miste de aanloop van mensen, tot halverwege de jaren ’80 werd gestart met LOS. Dit staat voor Logies- en Ontbijt Service, een initiatief van de Provinciale VVV en Rabobank Noord-West Groningen met als doel de toerist te laten kennismaken met Groningers en het leven op het platteland. In 1987 waren er 54 aangesloten adressen, waaronder natuurlijk de Bewsemaheem zelf, waar je kon logeren voor 20 gulden per persoon. Greet vond het een mooi initiatief en een enorm verrijkende ervaring om zoveel verschillende mensen te leren kennen en daar soms tot laat in de avond mee te praten. Ze heeft alle gastenboeken, vol enthousiaste reacties, bewaard en vertelt over regelmatige terugkerende gasten en daaruit ontstane vriendschappen. In het eerste jaar waren er 30 gasten, in het laatste jaar 300 overnachtingen! Op de foto de Bewsemaheem in de LOS-tijd, zoals op de promotionele flyer van toen. Greet heeft 14 jaar met veel plezier in de Wadddenwichter gezeten, het vrouwen-shantykoor. Ook was ze regionaal voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen (NVVH). Deze in 1926 opgerichte lokale vereniging houdt, zoals in De Ainrommer van april aangekondigd, helaas op – iets dat Greet heel jammer vindt.

In 2001 is de Bewsemaheem verkocht aan de Flevofarm. Een echte aanwinst voor het dorp en de prachtige paarden zijn altijd een mooi gezicht, vindt Greet. Zij en Klaas Jan verhuisden toen naar de Mensingeweersterweg, een grote, emotionele stap om te vertrekken van een plek die al zo lang in de familie zit. Het huis uit 1979, waar Greet nog woont, is ingrijpend verbouwd tot een mooi, ruim, licht en sfeervol pand.

In 2002 is Greet benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau (haar man overigens al eerder ook). Hoewel natuurlijk een compliment hoefde dit soort aandacht van Greet niet zo. Gevoelsmatig was het werk waarvoor ze geëerd werd al geruime tijd geleden en ook niet bijzonder genoeg voor een lintje. Ze begon haar speech dan ook met de kwinkslag dat ze het allemaal al amper vergeten was.

Greet heeft haar bestuurlijke werkzaamheden de afgelopen jaren langzaam afgebouwd. Toch heeft ze een voller programma dan ik, met half haar leeftijd! Ze volgt de politiek, is geabonneerd op drie kranten en kijkt op zondag altijd programma’s als WNL, Buitenhof en Business Class. Ze gaat regelmatig uit naar bijvoorbeeld de schouwburg, bezoekt de meeste activiteiten van ’t Nut en Landgoed Verhildersum en brengt veel tijd door met haar kinderen en kleinkinderen, die zich verspreid hebben over Nederland.

Ze houdt van deze omgeving en heeft nooit de behoefte gehad elders te wonen. De liefde voor het Hoogeland is in huis ook goed zichtbaar, van sfeervolle schilderijen en kaarten tot boeken van schoonmoeder Luitjens-Dijkveld Stol over de geschiedenis van de Ommelanden. Mooi vond ik het volgende contrast: ik krijg vaak reacties dat Eenrum ‘the middle of nowhere’ is, ver verwijderd van de ‘echte’ wereld, maar als ik Greet vraag naar haar mening zegt ze precies het tegenovergestelde: “Het is fijn om in dit dorp te wonen, zo betrokken en midden in de wereld”. Mooi!

Chantal van der Ende-Appel

Meer nieuws

Nieuwsbericht insturen